135 views 20 mins 0 comments

‘Ik ben opgegroeid in een gezin zonder vader en dat is een enorm gemis in mijn leven’

Aan de Eerste Tochtweg 18 stond tot 1998 het huis van de familie Van den Dool. Het huis was gebouwd in 1917 en opa Van den Dool kocht de woning voor zijn zoon Dirk Floris en schoondochter Cornelia, die er na hun trouwen op 7 april 1926 gingen wonen.

Het leven van Dirk en Cornelia speelde zich voornamelijk af rondom het huis. Niet alleen werden daar de acht kinderen geboren, vader Dirk was tuinder in hart en nieren en had achter de woning een groot stuk grond dat hij bebouwde.

Bijna niemand had het vermoeden dat in de oorlogsjaren het huis van ‘Tol’ de spil in het verzet was. Tot vader Dirk in december 1944 werd verraden, opgepakt en in februari gefusilleerd.

Het Oud-Kanaaltje had een afspraak gemaakt met Alex van den Dool, de jongste zoon van Dirk van den Dool. Alex is geboren in 1940 en woont tegenwoordig in Bergambacht.

Zelf heeft hij geen herinneringen aan de oorlogstijd. Van wat hij weet, is het voornamelijk afkomstig van de verhalen die sporadisch werden verteld door zijn moeder, broers en zussen. Zoals in veel gezinnen gebeurde, werd er weinig over de oorlog gesproken.

Eén detail is hem wel bijgebleven van die 31ste december 1944

– Luchtfoto Eerste Tochtweg 18 –

– Familie Van den Dool vlak voor de oorlog –

 

Alex heeft voor deze gelegenheid de mappen met documentatie over zijn vader erbij gehaald.

Vooral de boeken en geschriften van voormalige leden uit het verzet en onderduikers maken duidelijk dat Dirk van den Dool een vastberaden man was waar je op kon rekenen.

Zo schreef Frans Vink Jr. uit Moordrecht, met schuilnaam Piet Vogelaar, over zijn ontmoeting met Dirk van den Dool in zijn memoires:

‘In die week ben ik samen met Mr. Willem Sprenger, alias Harry, naar Van den Dool te Nieuwerkerk aan den IJssel gegaan en met elkaar in kennis gebracht. Vanaf deze tijd is door mij een zeer nauw contact met Van den Dool onderhouden en nog steeds denk ik met bijzondere waardering aan hem en aan zijn werk.

Wekelijks, soms tweemaal per week, kwam ik bij hem. Hij ook meerdere malen bij mij en een warme vriendschapsband ontstond. Van den Dool was het type van een eenvoudig degelijk christenmens. De eerste indruk die hij maakte was die van eenvoud en degelijkheid.

Wanneer hij ging spreken, kwam je direct onder de indruk van zijn vaste wil om de verzetsstrijd zo veel mogelijk te voeren. Zijn oordeel over alle dingen muntte uit door helder inzicht en zakelijkheid. Wanneer je hem vandaag iets vroeg, kon je erop rekenen dat hij dat direct onderzocht of aanpakte en binnen een mum van tijd was voor elkaar wat moest gebeuren.

In augustus 1944 was ik op een middag weer bij Tol. Kwam ‘s avonds om even voor 5 uur thuis en hoorde toen dat het distributiekantoor van Capelle weer was gekraakt’.

– Vader, moeder en dochter Lenie –

Kinderen in verzet……

De oudste kinderen van Dirk en Cornelia: Gert, Wim en Lenie, werden door vader Van den Dool ook ingeschakeld voor verzetswerk.

Zij moesten voor vader briefjes rondbrengen en boodschappen doorgeven. Waar dat precies over ging, dat wisten zij niet. In die tijd was het zo dat er geen vragen werden gesteld.

Alex vertelt daarover:
‘Als Gert, Wim of Lenie op pad werden gestuurd, dan was dat vaak met een afgescheurd briefje, een soort van puzzelstukje. Als ze dan ergens kwamen, dan hadden ze daar het andere deel van dat briefje en als die briefjes dus precies aan elkaar pasten, dan wisten ze dat je betrouwbaar was. Gert was waarschijnlijk een van de jongste koeriers.’

Dirk van den Dool heeft ook veel werk verricht voor de illegale pers en de kinderen waren bijna dagelijks op pad met de gestencilde kranten en moesten daarvoor veel fietsen.

Verraden……

Op oudejaarsdag 1944, midden in de laatste hongerwinter, ging het mis voor Dirk van den Dool. Door het verraad van oom Piet kwamen de Duitsers erachter wat er allemaal gebeurde in het huis aan de Eerste Tochtweg 18.

Alex vertelt:
‘Op oudejaarsdag 1944 stond er opeens een groep Duitsers met in hun kielzog Oom Piet, die ook in uniform was, bij ons op het erf. Ze hadden hun auto’s even verderop gezet en we hadden ze niet zien aankomen. Mijn vader heeft nog snel verborgen wat belangrijk was. Wij werden naar de keuken gestuurd en toen hebben ze vader ondervraagd in de huiskamer. En op aanwijzingen van oom Piet werden ons huis en de tuin uitgekamd. Maar ze vonden voor de rest niets.’

Het ondervragen duurde enkele uren. ‘Om één uur waren ze er en om vier uur gingen ze weg en namen ze onze vader mee. Hij was bont en blauw geslagen. Vlak voordat ze weg gingen, vroeg m’n vader nog aan mijn moeder zijn jas. Die laatste woorden en de angst die heerste in de keuken,’ vertelt Alex geëmotioneerd, ‘is het enige wat mij persoonlijk is bijgebleven van heel die oorlog’.

Naast vader Dirk werden op 31 december 1944 nog drie anderen gearresteerd in de omgeving, waaronder buurman Cor Termorshuizen en Jaap Hogendoorn.

De buurman werd na verhoor vrijgelaten.

 

Het leven na de oorlog……

Na de oorlog werd het leven weer zoveel mogelijk opgepakt en moeder Cornelia bleef met haar acht kinderen aan de Eerste Tochtweg 18 wonen. Ome Leen ging de tuin van vader onderhouden, zodat daar ook nog opbrengsten uitkwamen.

Van de stichting 40-45 ontvingen zij iedere maand een salaris van een gepensioneerd officier. Daar was Frans Vink jr. voor de familie achteraan gegaan en in de eerste jaren kwam hij dat vanuit Moordrecht contant langsbrengen. Later werd dit via postwissels uitbetaald.

Alex vertelt over die begintijd na de oorlog:
‘We hebben geen honger geleden en hebben het best goed gehad. In ons huis was toen nog geen elektriciteit of water. Brongas haalde moeder uit een zelfgeslagen wel, daardoor hadden wij licht in huis en we konden op het gewonnen gas koken. Water haalden we uit de put, waar het regenwater werd opgevangen en naar de wc gingen we op een poepdoos, die geleegd werd in een beerput. Na vijf jaar vertrok Ome Leen naar Canada en nam mijn oudste broer Gert de tuin over. Er kwam plat glas en later gevolgd door kassenbouw. Het dagelijkse leven kwam weer een beetje op gang, maar het gemis is altijd gebleven’.

Briefwisseling……

De verrader heeft de oorlog overleefd en Alex laat twee brieven zien van oom Piet en zijn moeder. Alex vertelt daarover:

‘In 1947 is er een briefwisseling geweest tussen de moeder van ome Piet en onze moeder. De moeder van ome Piet praatte niet goed over wat haar zoon had gedaan, maar vroeg onze moeder toch om een goed woordje te doen voor Piet. Ze heeft om vergeving gevraagd en mijn moeder heeft het hem schriftelijk vergeven. Oom Piet heeft zelf daarna ook nog een brief gestuurd om moeder daarvoor te bedanken’.

– Gedenksteen aan de BW-laan –

– Het graf –

– Dirk en Cornelia van den Dool –

Dirk van den Dool, een groots verzetsman……

Vader Dirk van den Dool, alias ‘Tol’, kan gerust de grootste verzetsman van Nieuwerkerk en omstreken worden genoemd.

In het huis aan de Eerste Tochtweg herbergde het gezin Van den Dool tijdens de oorlog altijd één of meerdere onderduikers en bood ook onderdak aan andere gezinnen, waaronder het gezin van Jaap Hoogendoorn, dat in de achterkamer woonde.

De onderduikers sliepen in de zomer meestal in de hooiberg en als het kouder werd, werd er binnen plek gemaakt. Die onderduikers werden allemaal ‘oom’ genoemd.

Alex vertelt daarover:

‘Je kan het je nu nauwelijks meer voorstellen dat je met zoveel mensen in een best wel klein huis zou moeten bivakkeren, maar het lukte wel. Mijn vader was rayonleider van de L.O. (Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers) en de L.K.P. (Landelijke Knokploegen).

Door het contact met de Ondergrondse in Rotterdam werd onze woning regelmatig gebruikt voor doorzending van personen uit Rotterdam, zoals Nederlandse arbeiders die naar Duitsland werden gestuurd en jongens die gezocht werden door de SD (Sicherheitdienst).

Oom Frank was bijvoorbeeld een onderduiker uit Vlaardingen. Hij werd gezocht. De ‘ooms’ leverden hun legitimatiebewijs in bij mijn vader en ontvingen na een paar dagen een vervalst persoonsbewijs op een andere naam.

Meestal bleven de onderduikers niet lang. Ze hielpen in de tuin en op een gegeven moment werden ze via contacten in het verzet verder op weg geholpen om uit handen van de bezetter te blijven.’

– Distributiekaart van Cornelia –

Frans Vink Jr. en Dirk van den Dool wisten dat dit ging gebeuren, maar niet precies wanneer. De bonkaarten waren toen moeilijker na te maken en de L.O. zag zich genoodzaakt van tijd tot tijd distributiekantoren te overvallen. De voorbereiding en uitvoering ervan werden opgedragen aan een speciale tak van de organisatie: de Landelijke Knokploegen (LKP). Dirk van den Dool had hier ongetwijfeld veel belang bij.

In een ander boek met de titel “100 jaar Sien Sprenger” vertelt de vrouw van Willem Sprenger, dat op Dolle Dinsdag de pro-Duitse burgemeester onderdook en haar man, Willem Sprenger, min of meer het bestuur van Moordrecht overnam, omdat hij op de gemeentesecretarie werkte. Maar daarnaast was hij ook actief als verzetsman. Dat ging een paar weken goed, totdat de Duitsers hem bij de oorlogsvoering wilden betrekken en dat weigerde hij pertinent. De familie Sprenger moest onderduiken. Als eerste werden ze naar Eerste Tochtweg 18 gebracht.

Ze schreef daarover:
‘We zijn naar ons eerste onderduikadres gebracht in Nieuwerkerk aan den IJssel.’

Daar woonde de zwaar gereformeerde tuindersfamilie Van den Dool in een klein huisje. De man was een goede bekende van Wim uit het verzet, waar hij de naam Tol had.

Het zat er al vol met onderduikers, stakend spoorwegpersoneel en mannen die voor dwangarbeid naar Duitsland hadden gemoeten.

We kregen allemaal andere namen op nieuwe, vervalste persoonsbewijzen. Het gezin heette voortaan Hermans en de kinderen hielden hun eigen voornamen. Het was veel oefenen op de nieuwe namen: vooral kleine Wimpie van 4 jaar had daar moeite mee. Maar toch wende hij er snel aan.

De situatie was daar niet eenvoudig. We sliepen op de grond. Het was er domweg te vol en na ongeveer een week gingen we door naar het huis van een onderwijzer in de dorpskern.

– Legitimatie L.O van broer Gert –

Ome Piet……

Het was gedurende de oorlog een komen en gaan van onderduikers in huize Van den Dool. Op een gegeven moment kwam er een onderduiker met de naam ome Piet Vogelsang, afkomstig uit Dordrecht.

Het was een gedroste landwachter. Gedrost betekent dat hij was weggelopen.

Na verloop van tijd vertelde hij dat hij naar zijn vrouw en kinderen verlangde. Hij is toen weggereden op de fiets van Gert.

Diezelfde oom Piet werd in Dordrecht door Louis de Koster, die in werkelijkheid een Gestapo-agent was, ingepalmd en begon te praten. Vooral nadat hij door de SD was gearresteerd en verhoord met allerlei trucs – waaronder het voorlezen van zogenaamde belastende brieven die ‘vrienden’ over hem hadden geschreven – brak hij.

Hij voelde zich verraden en begon informatie door te geven. Uiteindelijk ging Vogelsang van kwaad tot erger: om zijn eigen leven te redden liet hij zich overhalen om dienst te nemen bij de Geheime Feld Polizei.

– Twee van de documenten die verstopt lagen, maar niet zijn gevonden –

Bij familie ondergebracht……

‘Na de gevangenneming van onze vader zijn wij niet in ons huis achtergebleven. Moeder, zus Dikkie en ik gingen naar Opoe Van den Dool in Zevenhuizen en mijn zes andere broers en zussen werden bij familie ondergebracht’.

Omdat het vrijwel zeker was dat de Duitsers terug zouden komen, hebben vrienden uit het verzet op nieuwjaarsavond alle documenten, die verstopt lagen in het huis en de tuin, veilig gesteld.

Dat hadden ze goed ingeschat, de SD’ers kwamen al snel terug om nog een keer het huis en de tuin te doorzoeken. Zij ploegden het land om, gooiden de hooiberg omver, maar vonden niets.

Brieven……

Dirk van den Dool was overgebracht naar een gevangenis in Utrecht. Na de arrestatie hebben mevrouw Van den Dool en de kinderen hun man en vader niet meer gezien. Alhoewel er even hoop was.

Op 1 februari 1945 was zoon Gert op de tuin aan het werk toen een onbekende vrouw op de fiets langskwam. Zij had een envelop van vader bij haar met daarin twee brieven, die hij via een gevangenisbewaker naar buiten had gesmokkeld.

Hij vroeg daarin om brood, stroop, boter en oogdruppels.

Op het andere briefje stond:
‘Vergeef Piet hetgeen hij heeft gedaan, ik heb het hem ook vergeven. Laten wij veel voor elkander bidden’.

Gert fietste naar Utrecht om de gevraagde spullen te brengen. De volgende ochtend arriveerde hij bij de woning van de bewaker. Toen bleek echter dat vader net was afgevoerd naar Amersfoort.

Zonder ceremonie, geen verzetsherinneringskruis en geen straatnaam……

‘Zoals ik je al vertelde’, gaat Alex verder, ‘waren mijn vader en moeder heel eenvoudige mensen. Mijn vader had recht op een ceremoniële begrafenis met militaire eer en ook op een verzetsherinneringskruis. Mijn moeder zag daar van af, omdat vader dat niet gewild zou hebben.

Een straat in Nieuwerkerk die naar hem vernoemd zou worden is er nooit gekomen, ondanks dat dhr. Vente en mevr. Bier zich daar in 1957 sterk voor hadden gemaakt. Na stemming in de gemeenteraad ging dat niet door. De straat is uiteindelijk de Verzetsstraat gaan heten.

Met de andere leden uit het verzet en de dankbare onderduikers is nog lang contact gebleven. Op de Eerste Tochtweg 18 kwamen er vele huwelijks- en geboortekaartjes via de post binnen van ‘ooms’ en verzetsvrienden. En mijn vader is zelfs vernoemd.

Frans Vink jr. en Klaas Slob en zijn vrouw Gré v.d. Linde kwamen na de oorlog regelmatig langs in ons huis aan de Eerste Tochtweg.

Alex vertelt daarover:
‘Ik vond dat heel prettig, op een bepaalde manier rook het dan anders in huis. Dat kwam ook wel door de sigaren die dan gerookt werden, maar het rook en voelde anders, alsof er op die momenten toch een soort vader in huis was’.

– Condeleance van
Koningin Wilhelmina –

– Het gezin van den Dool na de oorlog zonder vader –

– Alex met hondjestrui, Leo Temorshuizen, Bep en Nellie –

Alex door de jaren heen……

Alex van den Dool is tot zijn 23ste naar school gegaan. Eerst de HBS en daarna de Hogere Landbouwschool (HLS) in Ede, waar hij de praktijkopleiding in de veehouderij volgde.

Na die opleiding heeft hij als praktijkleraar voor de klas gestaan in Moerkapelle, Leiden, Zoetermeer/Pijnacker en Maasland. Hij is in Ede getrouwd en heeft daarna 6 jaar in Maassluis gewoond.

In de tussentijd heeft hij de theorie-akte gehaald en is toen verhuisd naar Berkenwoude, waar hij 31 jaar lesgaf in Gouda.

Vier jaar voordat hij met pensioen ging, is hij teruggegaan naar Nieuwerkerk. Na goede afspraken met zijn broer Gert is het oude huis in 1998 afgebroken en werd er op het perceel een nieuw huis gebouwd, dat in tweeën was verdeeld.

Na 16 jaar Nieuwerkerk is Alex naar Bergambacht verhuisd.

Ik wil Alex van den Dool heel hartelijk bedanken voor het delen van dit aangrijpende verhaal. Een verhaal dat doorverteld moet worden en niet vergeten mag worden.

Lees ook deze verhalen

De Steenovens van Mijnlieff komen weer tot...
https://youtu.be/TiOkPmKtgSE?si=1JSyDhA0GDPEO7sU  Stap even uit het nu en duik met ons...
Lees meer
Een “koninklijke” volksbuurt
Soms vind je ze nog in een gemeente, de onaangetaste...
Lees meer
Feestelijke optochten bedrijfswagens en verenigingen door de...
De grote rijdende optocht door de gemeente, waaraan werd deelgenomen...
Lees meer
Leave a Reply
You must be logged in to post a comment.